Benoemingen van rechters in het Supreme Court en de Hoge Raad

De recente ontwikkelingen in het Amerikaanse Hooggerechtshof (hierna: het Supreme Court) zijn ook in Nederland niet onopgemerkt gebleven. Het overlijden van rechter Ginsburg, de daaropvolgende massale eerbetuigingen en de ophef die ontstond na de nominatie van vervanger Barrett. In vergelijking met benoemingen binnen het Supreme Court lijken de benoemingen voor de Hoge Raad haast geruisloos voorbij te gaan. In dit artikel wordt geanalyseerd hoe de benoemingsprocedures van het Supreme Court en de Hoge Raad zich tot elkaar verhouden en wat de rol van de politiek daarin is. Een interessant onderwerp gezien de cruciale positie van rechters binnen een rechtsstaat.

Alhoewel de Hoge Raad niet in alle gevallen de hoogste rechter is1, zal de vergelijking beperkt blijven tot het Supreme Court en de Hoge Raad. Eerst zal ingegaan worden op de benoeming van rechters in het Supreme Court en vervolgens zal de benoemingsprocedure van de Hoge Raad worden geschetst. Vervolgens zal de rol van de politiek in beide procedures worden vergeleken tegen de achtergrond van het verschil in rechtstraditie.

Tekst door: Floris Meinardi

LEES VERDER

Benoemingsprocedure Verenigde Staten

‘America first’, dus het Supreme Court komt eerst aan bod. De benoemingsprocedure voort uit de appointment clause van de Constitution of the United States (hierna: de Constitutie).2 Alvorens een kandidaat-rechter wordt benoemd, zullen drie horden moet worden genomen: de nominatie, het passeren van het Senate Judiciary Committee en de goedkeuring van de Senaat.

De eerste horde is het binnenhalen van de presidentiële nominatie. De vrijheid van de president is daarbij groot. Doorgaans zal de president een kandidaat nomineren die het dichtst bij zijn eigen politieke overtuiging staat. In grote lijnen komt dat neer op de keuze tussen een liberale of conservatieve rechter. Daarnaast is (uiteraard) de mate van bekwaamheid een factor van belang.3

Heeft de kandidaat de nominatie ontvangen, dan zal hij het ‘tussenstation’ van de Senate Judiciary Committee moeten passeren.4 Deze stap in het proces staat niet in de Constitutie, maar wordt in de praktijk vrijwel altijd uitgevoerd.5 Het Senate Judiciary Committee neemt het professionele en persoonlijke track-record onder de loep waarmee eventuele tekortkomingen al aan het licht komen voordat de kandidaat de derde horde zal nemen: het verkrijgen van goedkeuring van de Senaat.

De laatste horde is de goedkeuring van de Senaat.6 Door middel van openbare hoorzittingen wordt de Senaat in de gelegenheid gesteld de kandidaat-rechter uitgebreid aan de tand te voelen over diens persoonlijke, filosofische en juridische opvattingen.7 Aan de hand daarvan spreekt de Senaat zijn goed- of afkeuring uit. Het verkrijgen van goedkeuring zal doorgaans afhangen van de vraag of de partij van de president de meerderheid in de senaat heeft.

‘Aan de voordracht door de Tweede Kamer gaat echter een zorgvuldig intern proces binnen de Hoge Raad vooraf.’

Benoemingsprocedure Hoge Raad

Terug naar onze eigen Supreme Court, de Hoge Raad. In de Grondwet is bepaald dat raadsheren van de Hoge Raad worden benoemd uit een voordracht van drie personen, opgemaakt door de Tweede Kamer.8 Indien er een plaats in de Hoge Raad vrijkomt, wordt de Tweede Kamer onder meezending van een lijst van zes kandidaten geïnformeerd.9 De Tweede Kamer draagt vervolgens drie kandidaten voor die bij Koninklijk besluit worden benoemd.

Aan de voordracht door de Tweede Kamer gaat echter een zorgvuldig intern proces binnen de Hoge Raad vooraf. Dit proces is vastgelegd in het ‘Protocol werving en selectie van raadsheren in de Hoge Raad der Nederlanden’.10 Kort door de bocht staan twee ‘lijstjes’ centraal: de lijst van mogelijke kandidaten en de lijst van aanbeveling. Elke kamer (civiel, straf, en belasting) beschikt op elk moment over een lijst van mogelijke kandidaten. Hierop prijken de namen van kandidaten die kans maken op een plek op de lijst van aanbeveling.

Op het moment dat er een vacature vrijkomt, stelt de betreffende kamer een profiel op ten behoeve van de lijst van aanbeveling. In het profiel wordt rekening gehouden met leeftijd, geslacht, spreiding naar beroepsachtergrond en de mate van specialistische en generalistische kennis binnen de kamer. De aanwezigheid van managementvaardigheden – met het oog op een eventuele toekomstige leidinggevende functie – is tevens een competentie waarop wordt gelet.

Vervolgens is de selectiecommissie van de Hoge Raad aan zet. Deze commissie bestaat hoofdzakelijk uit een lid van elk van de kamers en twee externe leden. De commissie selecteert op basis van de lijst van mogelijke kandidaten en het door de kamer opgestelde profiel een of meerdere kandidaten. Na overleg met de kamer worden gesprekken gevoerd met de kandidaten.

Op basis van het voorgaande stuurt de selectiecommissie een advies aan de president van de Hoge Raad. De president agendeert het advies bij het presidium. Het presidium neemt vervolgens een principebesluit over de plaatsing en de volgorde van de lijst. Indien er vanuit de kamers en het parket geen bezwaren zijn, dan staat het besluit vast en zendt de president de lijst van aanbeveling toe aan de voorzitter van de Tweede Kamer.

Tot slot is de politiek aan zet. Eerst worden besloten gesprekken tussen de Vaste Commissie voor en Justitie en Veiligheid enerzijds en de President van de Hoge Raad, de Procureur-Generaal en de kandidaten anderzijds gevoerd.11 Hierna stelt de commissie een voordracht in van drie personen voor aan de plenaire vergadering. De Tweede Kamer is niet gebonden aan de voordracht, maar werkt de procedure in de praktijk als een systeem van coöptatie.12 De Tweede Kamer zal doorgaans de bovenste drie kandidaten op de lijst van aanbeveling voordragen. De regering benoemt als laatste schakel in het proces ten minste één van de voorgedragen kandidaten bij Koninklijk Besluit.

Dat de hazen soms anders lopen, bleek uit twee incidenten die beiden in 2011 plaatsvonden. Het eerste incident betrof de aanstelling van Ybo Buruma als raadsheer van de Hoge Raad. PVV-leden stemden blanco vanwege een vermeende vergelijking tussen die Buruma ooit had gemaakt tussen Geert Wilders en dictator Benito Mussolini. Uiteindelijk waren hoofdelijke stemmingen nodig – hetgeen zeer ongebruikelijk is – om Buruma op zijn post te krijgen.13 Buruma maakte het uiteindelijk tot de Hoge Raad. Kandidaat Diederik Aben trof een ander lot. Door negatieve signalen vanuit de Vaste Commissie voor Justitie en Veiligheid trok de Hoge Raad haar aanbeveling in en liep de benoeming in een vroeg stadium spaak. Naar verluidt lag wederom de PVV dwars, maar nooit is officieel bekend gemaakt wat nu de exacte reden was voor het terugtrekken van de kandidaat uit de lijst van aanbeveling.14 Uit deze incidenten blijkt dat ook in Nederland rechterlijke benoemingen gepolitiseerd kunnen worden. Van een structureel politiek karakter is evenwel geen sprake.

Verschil in rechtstraditie

Om de positie van de rechter te begrijpen zal ik een drietal verschillen in rechtstraditie aanstippen. Een eerste relevant verschil is de centrale plaats van jurisprudentie in common law-stelsels (zoals het Amerikaanse).15 In common law-stelsels is rechtsvorming een belangrijke taak van de rechters. De rechter in Civil law-stelsels (zoals de Nederlandse) lijkt meer op wat Montesquieu aanduidde als la bouche de la loi.16 Kanttekening hierbij is dat dit een enigszins gedateerde kijk op de rol van de rechter is. De rechter als spreekbuis van de wet gaat voorbij aan de bijdrage die rechters van de Hoge Raad tegenwoordig leveren aan de rechtsontwikkeling.17 In Nederland komt deze traditionele kijk op de rol van de rechter echter nog steeds tot uitdrukking in de volgende bepaling: “De regter moet volgens de wet regt spreken: hij mag in geen geval de innerlijke waarde of billijkheid der wet beoordeelen”.18

Een tweede belangrijk verschil is de plaats van de rechter als individu of als onderdeel van een entiteit. Verschillen van inzicht blijven in de Hoge Raad binnen de muren van de raadkamer en beslissingen worden eendrachtig genomen.19 Het raadkamergeheim is binnen de Hoge Raad dan ook heilig. Rechters die van mening verschillen, worden geacht dit niet publiekelijk te laten blijken. Daarentegen is in het Supreme Court het stemgedrag van rechters inzichtelijker en kunnen rechters via dissenting en concurring opinions aangeven dat zij het niet eens zijn met de beslissing of de gronden waarop deze is genomen.20

Tot slot is een laatste – niet onbelangrijk verschil – gelegen in de bevoegdheid tot constitutionele toetsing. De hoogste rechters in de Verenigde Staten hebben het laatste woord in de uitleg van de Constitutie. Middels een Judiciary act kunnen Supreme Court-rechters zelfs wetten vernietigen door deze in strijd te verklaren met de Constitutie.21 In Nederland is juist sprake van een constitutioneel toetsingsverbod art. 120 van de Grondwet. Het toetsingsrecht is in Nederland voorbehouden aan de formele wetgever.22

Conclusie

De benoemingsprocedure van rechters in het Supreme Court en de Hoge Raad zijn erg verschillend. De President en de Senaat geven als de belangrijkste actoren het benoemingsproces van Supreme Court-rechters een evident politiek karakter. De Hoge Raad kent een geheel ander systeem waarin de invloed van de politiek gering is. Alhoewel er verscheidene ‘politieke momenten’ zijn aan te wijzen, ligt het zwaartepunt bij het intern selectiemechanisme van de Hoge Raad. Op een enkele kleine incidenten na hebben de benoemingen van raadsheren van de Hoge Raad dan ook geen structureel politiek karakter. Deze verschillen zijn te begrijpen in het licht van de rechtstraditie waarvan de rechtscolleges onderdeel uitmaken. Als producten van een common law­-stelsel hebben Supreme Court-rechters een belangrijke rechtsvormende taak, en ligt de nadruk bij de Hoge Raad meer op rechtstoepassing. Dat maakt dat de persoon van de rechter er in de Hoge Raad minder toe doet dan in het Supreme Court. Het accent in de selectie van rechters voor de Hoge Raad ligt dan ook meer op juridische bekwaamheden en plaats binnen het ‘team’, terwijl de benoeming van Supreme Court rechters de persoon en diens opvattingen doorslaggevend zijn.

‘Een tweede belangrijk verschil is de plaats van de rechter als individu of als onderdeel van een entiteit.’

Floris Meinardi (22) hoopt na het behalen van zijn bachelor Bestuurs- en Organisatiewetenschap dit jaar de bachelor Rechtsgeleerdheid in de wacht te slepen. Floris liep stage op een advocatenkantoor in Amsterdam en wordt enthousiast van het privaatrecht en rechtsfilosofie. Naast zijn studie sport hij graag en ook een museumbezoekje mag niet ontbreken.

Voetnoten

1 Binnen niet binnen het bestuursrecht waar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bepalend.

2 Neergelegd in article II, section 2 van de Constitution of the United States.

3 D. S. Rutkus, CRS Report for Congress, Supreme Court appointment Proces: Roles of the President, the Judiciary Committee and the Senate, in: CRS 3 2005.

4 Ibidem.

5 Ibidem.

6 Article II, section 2 van de Constitution of the United States.

7 E.C.M. Jurgens, ‘Robert Bork en het Supreme Court als superwetgever’, in: RegelMaat 2011/6, p. 346-350.

8 Artikel 118 lid 1 van de Grondwet.

9 Artikel 5c, lid 6 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

10 Protocol Werving en Selectie van Raadsheren in de Hoge Raad der Nederlanden, te raadplegen via https://www.hogeraad.nl/reglementen-protocollen/protocollen/.

11 G. Boogaard & J. Uzman, Commentaar op artikel 118 van de Grondwet, in: E.M.H. Hirsch Ballin en G. Leenknegt (red.), Artikelsgewijs commentaar op de Grondwet, webeditie 2020 (www.Nederlandrechtsstaat.nl)

12 Bovend’Eerd. Benoeming leden Hoge Raad; cassatie bij: Grondwet, Artikel 118. In: T&C 2018.

13 Zie bijvoorbeeld: ANP, PVV stemt blanco over Buruma, in: Trouw, 2011.

14 J. Ilsink. Benoeming in de Hoge Raad. in: NJB 2012/177.

15 W. Limborgh, De Hoge Raad en minderheidsopvattingen (dissenting/ concurring opinions), in: NJB, 2013/1544, afl. 26, p. 1541-1602.

16 Spreekbuis van de wet. In: Montesquieu, De l’Esprit des Lois (1748).

17 G. Boogaard & J. Uzman, Commentaar op artikel 118 van de Grondwet, in: E.M.H. Hirsch Ballin en G. Leenknegt (red.), Artikelsgewijs commentaar op de Grondwet, webeditie 2020 (www.Nederlandrechtsstaat.nl) 18 Artikel 11 van de Wet houdende Algemene bepalingen der wetgeving van het Koninkrijk.

19 E.H. Hondius, Het zwijgen van de Hoge Raad, in: BWKJ 2009/1.3, nr. 2, p. 30.

20 A.W. Heringa, Amerikaans staatsrecht: een persoonlijke inspiratie, in: AA 1998/511.

21De bevoegdheid kwam tot stand in het klassieke Marbury v. Madison arrest (Marbury v. Madison, 1 Cranch 137 (1803). Opinion of the U.S. Supreme Court, deliverded by Chief Justice Marshall).

21A.W. Heringa, J. Van der Velde, L.F.M. Verhey, W. van der Woude. Staatsrecht, in: Wolters Kluwer 2015, twaalfde druk.

Video
Share

Your name

Your e-mail

Name receiver

E-mail address receiver

Your message

Send

Share

E-mail

Facebook

Twitter

Google+

LinkedIn

Contact

Send

Sign up

Sign up