De Handelsoorlog: minder op de voorgrond, maar even verwoestend

Tekst door: Martin Kauffmann

Oorlog doet denken aan loopgraven, soldaten, tanks en straaljagers. Deze kijk op oorlog is echter niet meer van deze tijd. De voorpagina’s van de kranten gaan vaker over handelsoorlogen en cyberoorlogen dan over ‘gewone’ oorlogen. In deze bijdrage wil ik dieper ingaan op het fenomeen ‘handelsoorlog’ en het juridisch kader daaromtrent in kaart brengen.

De term handelsoorlog is niet waterdicht gedefinieerd. In praktijk komt het neer op een conflict tussen landen, dat door middel van economische sancties wordt uitgevochten. Al vroeg in de geschiedenis kunnen we voorbeelden van dergelijke sancties vinden. Zo verbood Lodewijk XIV in 1687 de import van Nederlandse haring in Frankrijk. Enkel voor haring dat was gepekeld met Frans zout werd een uitzondering gemaakt.1 Economische sancties bestaan in allerlei soorten en maten, van importheffingen tot valutamanipulatie. Een handelsoorlog verschilt in veel opzichten van de traditionele oorlog. Zo zijn landen niet officieel met elkaar in oorlog en is er dus in de regel ook gewoon plaats voor diplomatiek contact. Niet het oorlogsrecht, maar het gewone internationale recht blijft dus van toepassing tussen staten. Wat betreft de financiële kant kan een handelsoorlog echter voor staten wel degelijk net zo duur uitpakken als een gewone oorlog.

Al voor zijn presidentsverkiezing dreigde Trump met wat toen verkiezingsretoriek leek: sancties tegen China. Inmiddels heeft zich tussen de Verenigde Staten en China een serieuze handelsoorlog ontwikkeld, waarbij ook de Europese Unie betrokken is geraakt. De handelsoorlog begon medio 2017, toen Trump China van diefstal van Amerikaans intellectueel eigendom beschuldigde en vervolgens ook daadwerkelijk een onderzoek daarnaar instelde.2 In het voorjaar van 2018 ging Trump een stap verder door een importtarief in te stellen voor wasmachines, zonnepanelen en ook staal en aluminium.3 Voortaan moeten importeurs van deze goederen bij de Amerikaanse grens eerst de pinpas trekken voor ze hun goederen op de Amerikaanse markt mogen verkopen. Daarbij moet overigens wel worden opgemerkt dat deze tarieven niet alleen voor Chinese import gelden, maar ook voor import uit andere landen. Als China een dag later importheffingen invoert op specifiek Amerikaanse producten, barst de strijd tussen twee van ’s werelds grootste economieën in alle hevigheid los. Dit voorjaar zijn de Amerikaanse importtarieven al zover uitgebreid dat ze van toepassing zijn op een totaal van meer dan 200 miljard dollar aan Chinese export naar de Verenigde Staten. In reactie op de tarieven devaluerenden de Chinezen begin deze maand hun eigen valuta, de yuan.4 Devaluatie wil zeggen dat de Centrale Bank van China meer geld in de Chinese economie pompt, waardoor het geld door het grotere aanbod minder waard wordt. Ten opzichte van andere valuta’s devalueert de munt dan, wat wil zeggen dat met bijvoorbeeld één dollar meer goederen kan worden gekocht. In zekere zin worden daarmee de Amerikaanse importtarieven gecompenseerd. Immers, Amerikaanse bedrijven die vanuit China goederen importeren moeten een bepaald tarief betalen maar kopen die goederen nu voor een lagere prijs in dollars, waardoor de Chinese goederen de facto dus niet duurder uitvallen dan voorheen.

‘In zekere zin worden daarmee de Amerikaanse importtarieven gecompenseerd.’

‘Het systeem van Bretton Woods kwam overigens in de jaren ’70 tot verval, toen de V.S. te veel dollars had bij gedrukt om de Vietnamoorlog te kunnen financieren.’

 

Op de hedendaagse internationale handel is een wirwar van verdragen en instituten van toepassing. Het gaat aan het doel van deze bijdrage voorbij om het systeem geheel in kaart te brengen, maar ik wil kort het belangrijkste schetsen. In 1944, vlak voor de oprichting van de Verenigde Naties, werd in het Amerikaanse New-Hampshire het Systeem van Bretton Woods getekend. Dit systeem voorzag in vaste wisselkoersen tegen de Amerikaanse dollar en in een vaste wisselkoers van de dollar tegen goud. Op die manier werd dus opnieuw de Gouden Standaard ingevoerd.5 Daarnaast voorzag dit systeem in de oprichting van het International Monetary Fund (IMF) en de Wereldbank. Het IMF heeft onder meer als doel het bevorderen van internationale monetaire samenwerking en het bevorderen van stabiele wisselkoersen.6 Het IMF heeft daartoe vandaag de dag bijna 200 miljard aan leningen uitstaan in 35 landen.7 De Wereldbank richt zich daarentegen op ontwikkelingslanden en houdt zich bezig met de bestrijding van armoede.8 Beide organisaties maken deel uit van de Verenigde Naties. Het systeem van Bretton Woods kwam overigens in de jaren ’70 tot verval, toen de V.S. te veel dollars had bij gedrukt om de Vietnamoorlog te kunnen financieren. Omdat andere landen hun valuta begonnen om te zetten in goud, slonk de Amerikaanse goudvoorraad zo sterk dat de V.S. zich genoodzaakt zag de dollar van het goud los te koppelen.9 Sinds die zogeheten Nixon-schok in 1973 kennen we een systeem van zwevende, door de markt bepaalde wisselkoersen.

Het belangrijkste platform voor landen op het gebied van internationale handel is de World Trade Organisation (hierna: WTO), opgericht in 1995. Het doel van de WTO is het bevorderen van handel tussen staten, en inherent daaraan het wegnemen van handelsbarrières.10 De voorloper van de WTO is de in 1947 ondertekende General Agreement on Tariffs and Trade (hierna: GATT). Eigenlijk was de bedoeling van de GATT om naast het IMF en de Wereldbank een derde instituut op te richten, dat zich op internationale handel zou richten.11 Dat derde instituut is binnen de GATT nooit gerealiseerd. Binnen het WTO-verdrag wel: het zogeheten Orgaan voor geschillenbeslechting (hierna: het Orgaan).12 Dit Orgaan is specifiek erop gericht handelsgeschillen tussen lidstaten te beslechten.

‘Die panels bestaan vaak uit ambtenaren en diplomaten, maar ook academici en advocaten kunnen in een panel zitting nemen.’

‘De benoeming van een nieuw lid gebeurt na stemming van de lidstaten.’

Voordat een procedure aanhangig kan worden gemaakt, is vereist dat de betreffende lidstaten eerst onderling tot een minnelijke oplossing hebben geprobeerd te komen. Indien dat niet lukt, wordt door het Orgaan ad hoc een panel gevormd ter beslechting van het geschil. Die panels bestaan vaak uit ambtenaren en diplomaten, maar ook academici en advocaten kunnen in een panel zitting nemen. De procedure vindt in de regel achter gesloten deuren plaats, enkel het eindrapport is openbaar. Het Orgaan moet tot slot het eindoordeel bindend verklaren en heeft ook bevoegdheden omtrent eventuele strafmaatregelen bij niet nakoming van dit oordeel. Het is voor lidstaten mogelijk in hoger beroep te gaan bij het Beroepsorgaan, wat in de meeste gevallen ook gebeurt.13

In tegenstelling tot het panel is het Beroepsorgaan een rechterlijke instantie, dat bestaat uit zeven vaste leden, die elk voor vier jaar worden benoemd.14 De benoeming van een nieuw lid gebeurt na stemming van de lidstaten. Het Beroepsorgaan komt de laatste jaren echter steeds meer onder druk te staan.15 Sinds het aantreden van president Trump stemmen de Verenigde Staten niet meer mee, omdat zij vinden dat het Beroepsorgaan hen slecht gezind is. Door deze boycot kunnen geen nieuwe leden meer worden benoemd, met als gevolg dat er inmiddels nog maar drie van de zeven leden in het Beroepsorgaan zitten. Eind dit jaar loopt bovendien voor twee van die drie leden de vierjaarstermijn af. Gezien het feit dat er minimaal drie leden over een geschil dienen te beslissen, zal Trumps boycot ertoe leiden dat het Beroepsorgaan eind dit jaar niet meer kunnen functioneren.

Wat zijn daarvan de gevolgen? Lidstaten kunnen nog steeds tegen het oordeel van het panel opkomen, en in hoger beroep gaan. Echter zal zo’n beroepszaak in een soort vacuüm terechtkomen: er kan geen uitspraak worden gedaan en de uitspraak van het panel is niet uitvoerbaar bij voorraad. Daardoor blijven dergelijke zaken voor onbepaalde tijd op de rol staan, en kan het WTO-recht niet langer praktisch worden gehandhaafd. Kort gezegd, de wereldhandelsoorlog dreigt een oorlog te worden zonder controle en regels, behalve dan het recht van de sterkste. Een angstaanjagende gedachte.

Martin Kauffmann (20) is derdejaars bachelor student, met een brede interesse voor het privaatrecht. Hoewel hij bestuursrecht en strafrecht wel heeft uitgesloten, volgt hij een breed privaatrechtelijk vakkenpakket om zodoende in veel rechtsgebieden inzicht te ontwikkelen. Naast Rechten volgt hij ook vakken Arabisch. Zijn juridische interesse gaat dan ook verder naar internationaal privaatrecht en shariarecht.

Reageren? Stuur een mail naar: martin@kauffmann.nl

Voetnoten

1.  R.P.C. Cornelisse, ‘Laat de EU zich overtroeven?’, in: NTFR 2017/314.

2. K. Broekhuizen, ‘Trump start onderzoek naar diefstal intellectueel eigendom door China’, https://fd.nl/economie-politiek/1214076/trump-start-onderzoek-naar-diefstal-intellectueel-eigendom-door-china#.

3.  M. Persson, ‘Trump zet torenhoge belasting op buitenlands staal door; wel wil hij tarieven op maat’, https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/trump-zet-torenhoge-belasting-op-buitenlands-staal-door-wel-wil-hij-tarieven-op-maat~bb06b9e1/.

4. Voor een uitgebreid feitenoverzicht: ‘Twaalf fasen in de handelsoorlog tussen de VS en China’, https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/twaalf-fases-in-de-handelsoorlog-tussen-de-vs-en-china~b2abaf66/.

5. I.J.M. Arnold, ‘Goud als geld’, in: JV 2011/3, p. 16-17.

6. Art. 1 Articles of agreement of the International Monetary Fund, https://www.imf.org/external/pubs/ft/aa/pdf/aa.pdf.

7. Volgens cijfers gepubliceerd op de website van het IMF zelf, https://www.imf.org/en/About/effectiveness-of-imf-lending.

8. M. Bijleveld, ‘Corruptiebestrijding door de Wereldbank’, in: TvSC 2018, nr. 5/6, p. 210.

9. P.G. Kroon, ‘Over de gevolgen van wisselkoersveranderingen en de flexibiliteit van goed koopmansgebruik’, in: WFR 1984/257.

10. Zie de aanhef van de Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie, Marrakesh 15 maart 1994.

11. ‘The GATT years: from Havana to Marrakesh’, https://www.wto.org/english/thewto_e/whatis_e/tif_e/fact4_e.htm.

12. art. 2  Memorandum van overeenstemming inzake de regels en procedures betreffende de beslechting van geschillen (bijlage 2) (aanhangsel bij de bijlage bij de TRIPS-overeenkomst) Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie Marrakesh 1994.

13. P. Van den Bossche, ‘Geschillenbeslechting door de Wereldhandelsorganisatie: een kennisgeving, evaluatie en vooruitblik’, in: SEW 2004/14.

14. Art. 17 Memorandum van overeenstemming inzake de regels en procedures betreffende de beslechting van geschillen (bijlage 2) (aanhangsel bij de bijlage bij de TRIPS-overeenkomst) Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie Marrakesh 1994.

15. J. Braaksma, ‘Voor de WTO is het erop of eronder tijdens G20-top in Japan’, https://fd.nl/achtergrond/1305996/voor-de-wto-is-het-erop-of-eronder-tijdens-g20-top-in-japan.

Video
Share

Your name

Your e-mail

Name receiver

E-mail address receiver

Your message

Send

Share

E-mail

Facebook

Twitter

Google+

LinkedIn

Contact

Send

Sign up

Sign up